Christelijke politiek gaat niet over belangen of hobby's

Christenen hebben vaak wel uitgesproken ideeën over politiek, bijvoorbeeld waar het gaat om de behandeling van vluchtelingen. Maar hoe werkt dat eigenlijk, je persoonlijke geloof politieke inhoud geven? Rien Fraanjes bezwaren tegen het label ‘christelijke politiek’ zijn niet het echte probleem. Verlegenheid met het christelijke fundament, het C-label, van die poltiek is dat wel. Een reactie van Wouter Beekers op het artikel van Rien Fraanje uit CW 4.

Rien Fraanje, directeur van het Wetenschappelijk Instituut van het CDA, heeft een probleem met het label ‘christelijke politiek’. Natuurlijk heeft hij gelijk als hij stelt dat christelijke politiek nooit een claim mag zijn. Maar daarmee hoeft het label nog niet bij het grofvuil. Want wat is er mis met politici die hun fundament zoeken in de Bijbel en in Christus en daarop aanspreekbaar zijn?

‘Bijbel doet vooral persoonlijk, niet zozeer politiek appèl op ons’, stelde Rien Fraanje in het CW-Opinie van 17 februari. Fraanje heeft een ‘fundamenteel probleem’ met het ‘label christelijke politiek’. Eigenlijk lees ik in zijn bijdrage wel een stuk of drie stevige bezwaren.

In de eerste plaats heeft Fraanje er moeite mee dat mensen elkaar over en weer verwijten dat standpunten of maatregelen niet christelijk zouden zijn. ‘Is het aan ons mensen om te bepalen wat wel of niet het keurmerk van boven mee mag krijgen?’ In de tweede plaats stelt Fraanje dat de Bijbel ‘geen eenduidig handboek is dat op alle politieke dilemma’s antwoord geeft’. In de derde plaats betoogt Fraanje dat Bijbelse opdrachten, zoals het doen van barmhartigheid, persoonlijke opdrachten zijn. Politiek gaat over rechtvaardigheid: niet alleen over het ene verdwaalde schaap, maar ook over de negenennegentig andere.

 

Dilemma's

Fraanje heeft drie keer gelijk. En al is ‘label christelijke politiek’ daarmee nog niet meteen ‘fundamenteel’ verwerpelijk, het is toch goed om die drie punten te onderstrepen. In de politiek gaat om recht. We kunnen en moeten van de overheid geen revolutie van naastenliefde verwachten. De samenleving gedijt erbij wanneer al haar geledingen de ruimte krijgen – soevereiniteit in eigen kring, noemde Abraham Kuyper dat ooit. Daarbij heeft de overheid een eigen roeping om recht te doen door deze maatschappelijke structuur te bewaken en wat kwetsbaar is te beschermen.

Wie zoekt naar recht in de politiek vind in de Bijbel ‘geen eenduidig handboek’. Net zomin als de Bijbel eenduidig handboek is voor het leven overigens. Met Zijn Woord roept God ons om in ons leven het goede te zoeken. De Bijbel geeft richtingen mee en grenzen aan, maar voor lang niet al onze vragen ligt een pasklaar antwoord klaar.

Soms staan we voor levensgrote dilemma’s. Fraanje geeft daarbij het treffende voorbeeld van het vluchtelingenvraagstuk. Aan de ene kant is er de grote kwetsbaarheid van mensen op de vlucht. Aan de andere kant is er de kwetsbaarheid van de samenleving, haar sociale vangnet, sociale cohesie, draagkracht en draagvlak.

Daarom ook mag christelijke politiek nooit een claim zijn. Want het zoeken van gelovigen is mensenwerk: soms verrassend briljant, soms triest tekortschietend. God is groter dan dat mensenwerk, ‘geheel anders’ – om een woord te gebruiken van de twintigste-eeuwse theoloog Karl Barth. God laat zich niet achter ons menselijk karretje spannen en gelukkig maar.

Om die redenen ben ik zelf ook een beetje terughoudend in het spreken over christelijke politiek. En daarom vind ik het ook wel een goede vondst dat mijn partij niet de Christelijke Unie, maar de ChristenUnie heet.

 

Verbazing

Toch was het met verbazing dat ik het artikel van mijn gewaardeerde collega Rien Fraanje las. Want Fraanje kent de christelijk-sociale traditie als geen ander en zou toch ook kunnen vertellen dat het ‘label C’ meer dan een claim is.

Wat betekent het om je christenpoliticus te noemen? Net als bij ieder ander zijn onze politieke standpunten en afwegingen gefundeerd op diepere waarden: een visie op de wereld, de mens en de samenleving, noem het onze levensovertuiging. Christenpolitici zoeken dat fundament in de Bijbel en in Christus. Dat betekent niet dat er een isgelijk-teken kan worden geplaatst tussen de Bijbel en bepaalde politieke standpunten. Maar wel dat christenpolitici elkaar vinden omdat ze willen drinken uit dezelfde bron en daarover open willen zijn.

Zo wil ook de ChristenUnie in haar hart laten kijken. ‘Gedreven door Gods liefde en Christus’ koningschap wil de ChristenUnie zich inzetten voor de samenleving en het bestuur van ons land’, zo luidt de eerste zin van haar onlangs opnieuw verwoordde grondslag. Hoe dat ‘christelijke’ fundament van betekenis is verduidelijkt de ChristenUnie in drie politieke kernwaarden: waardigheid, dienstbaarheid en geloofsvrijheid. In de eerste plaats wil zij het leven beschermen als kostbare gift: van plant tot mens, dichtbij of ver weg, ongeboren tot oud van dagen. In de tweede plaats wil zij zich inzetten voor een dienstbare samenleving: omdat mensen tot hun bloei komen in hun samenwerkingen en onderlinge zorg. In de derde plaats wil zij ruimte geven aan de kracht van geloof en overtuiging, want juist vanuit hun diepste waarden zijn mensen tot mooie dingen in staat.

 

Beginselprogramma

Eerlijk is eerlijk het ‘programma van uitgangspunten’ van het CDA doet daar niet erg voor onder. Even voor de minder ingevoerde lezer, dat programma kwam tot stand voorafgaand aan zijn oprichting in 1980, met een belangrijke rol voor de een jaar geleden overleden Piet Steenkamp. In 1993 werd deze voor het laatst herzien, onder andere met medewerking van de voorgangers van Fraanje bij het wetenschappelijk instituut: Jan Peter Balkenende en Ab Klink.

In het beginselprogramma van het CDA staan vier uitgangspunten centraal: gerechtigheid, solidariteit, gespreide verantwoordelijkheid en rentmeesterschap. En het programma onderstreept dat die uitgangspunten betekenis krijgen in de wisselwerking tussen het ‘alledaagse leven’ en ‘de bron, waaruit ze voortkomen’. Sterker nog, de eerste twee artikelen geven direct een inkijkje in de bron waaruit het CDA wil drinken:

‘Het CDA aanvaardt het Bijbels getuigenis van Gods beloften, daden en geboden als van beslissende betekenis voor mens, maatschappij en overheid. Het richt zich daarnaar met de intentie steeds te zoeken naar de betekenis van het Evangelie voor het politieke handelen. In antwoord op de oproep van de Bijbel krijgt de politieke overtuiging van het CDA gestalte. De voortdurende toetsing aan de Bijbel is het kenmerk van die politieke overtuiging. Die politieke overtuiging is het samenbindend element waarop een ieder in het CDA aanspreekbaar is.’

Wauw, als dat geen christelijke politiek is, wat is het dan wel?

 

Label

Rien Fraanje zegt een ‘fundamenteel probleem’ te hebben met het ‘label christelijke politiek’. Maar is in onze tijd verlegenheid over dit ‘fundament’ niet een veel groter probleem?

Open zijn over je fundament kan helpen om te laten zien dat christelijke politiek niet gaat over christelijke belangen of christelijke hobby’s. Dat er misschien wel een lijn zit in de antislavernijpolitiek van Guillaume Groen van Prinsterer en de manier waarop Gert-Jan Segers voor uitgebuite prostituees opkomt. Noem het maar de lijn van de intrinsieke waarde van ieder leven. Wanneer je daar open over bent, kun je die waarde misschien af en toe kritisch terugkrijgen. Maar van kritiek wordt een politieke partij niet per sé slechter zou ik zeggen.

 

Politiek gesprek

Open zijn over je waarden kan ook helpen in het politieke gesprek. Een christenpoliticus kan in een debat over ‘voltooid leven’ uitleggen wat zijn of haar vertrekpunt is en een VVD’er bevragen op de zijne of hare. Of in een debat over de participatiesamenleving aan een SP’er uitleggen welke ideaal daar nu ten diepste onder zit.

Ook onder meer gelijkgezinden kan zo’n gesprek van betekenis zijn. Het lijkt me juist interessant wanneer CDA, ChristenUnie en SGP elkaar bevragen op de manier waarop zij hun waarden invullen. De waarde van duurzaam rentmeesterschap bijvoorbeeld. Of van geloofsvrijheid –  ook die van andersgelovigen.

Waarom besmuikt doen over de christelijke bron waaruit je drinkt? Om de christendemocraat Willem Aantjes te parafraseren: is dat niet waar de wereld naar hunkert, naar een politiek die eerlijk bevlogen is? Naar misschien toch maar gewoon: christelijke politiek?

 

Wouter Beekers is historicus en directeur van het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie. Het artikel van Rien Fraanje is hier te lezen.